- verschieten
- {{verschieten}}{{/term}}I 〈overgankelijk werkwoord〉1 [schietend verbruiken] shoot (off/away) ⇒ use up 〈munitie〉II 〈onovergankelijk werkwoord〉1 [verbleken] fade2 [met betrekking tot mensen] blanch ⇒ go/turn pale♦voorbeelden:1 niet verschietende stoffen • fast(-dyed) materials2 zij verschoot ervan • she went pale at the thought
Van Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels. 2015.